Capriolus
Laurens Tuijnman
- Living period
- 1901 - 1982
- Place of birth
- Maros, Celebes (Indonesië)
- Working period
- 8888 - 8888
- Nationality
- NL
CV
De Indo-Europeaan Laurens Tuijnman werd geboren in Maros, Celebes (Indonesië) op 24 september 1901. 1947 werkt in Oudewater (mogelijk hier begonnen als keramist), later in Westbroek. Sinds 1950 Eigen atelier in Utrecht. Hij was een kleine, tengere man. Hij woonde en werkte aan de Abstederdijk 64. Hij was eigenlijk chemisch analist, maar had vele andere talenten. Zo speelde hij heel verdienstelijk altviool. Als kunstenaar was hij verder autodidact. Hij schilderde, tekende (pen), aquarelleerde en etste stillevens, landschappen en (zeer gedetailleerde) portretten. Hij lithografeerde en was tevens kunstnijveraar en keramist. Aanvankelijk runde hij een winkeltje of showroom aan één van de Utrechtse grachten. Hij gaf les aan W.C.A.C. Vosmeer en was lid van het genootschap Kunstliefde te Utrecht. Getuigen verklaarden dat de kunstenaar een wereldvreemde man was die als een kluizenaar leefde. Zo had hij het raam van zijn huis met papier geblindeerd. En hij stookte zijn kamertje altijd bloedheet. Hij had zeer weinig vrienden of relaties. Hij was wars van contacten met musea en galeries. Na zijn oorspronkelijk sterk afwerende houding met sommige ‘ooggetuigen’ werd hij toch heel toegankelijk en open. Hij was wel een ijdele man, die bijvoorbeeld bang was dat zijn haar ging uitdunnen. Hij verdiepte zich in paranormale zaken, zoals uittreding. Als keramist (aanvankelijk heeft hij nog even bij Mobach gewerkt) maakte hij kleine objecten – hij bezat maar een klein oventje in zijn huiskamertje – en was met name een glazuurkeramist. Het draaiwerk deed hij ook in de huiskamer. Elk stuk werd vele malen, soms wel zeven keer, gebakken met telkens weer een laagje glazuur, dat hij erop penseelde, altijd metallieke glazuren. Zijn glazuren vielen vooral op door hun levendige, genuanceerde kleuren, maar je moest het vooral niet vergelijken met lusterglazuur, want dan werd hij kwaad. Hoe hij deze bijzondere glazuren ontwikkeld had is niet bekend. Hij had grote liefde en bewondering voor Chinese en Japanse keramiek, waarmee zijn werk natuurlijk wel enigszins verwant is, maar met ook duidelijk Indonesische invloed. Hij wilde eigenlijk nooit werk verkopen uit angst dat het naar Amerika zou gaan. Hij wilde zijn werk graag op sokkeltjes zien, bijv. van zwart hout. Hij had kinderen, waarmee hij geen zeer hechte relatie onderhield. Tuijnman heeft ook veel les gegeven. Marianne de Ligny heeft diverse jaren keramische lessen van hem gehad. Zijn invloed is duidelijk in haar gedraaide stukken terug te vinden.
Het prachtige werk van hem bevindt zich in het Nationaal Keramiekmuseum het Princessehof te Leeuwarden, in de particuliere collectie Frans Schooleman, omgeving Utrecht en in enkele particuliere collecties. Tuijnman overlijdt in Utrecht op 17 februari 1982.
Rond 1970 zou Tuijnman nog enige tijd gewerkt hebben voor bekende bloemisterij Bourguignon aan de Witte de Withstraat in Rotterdam (bron: Smit /Mobach).
20060718 Ooggetuigenverslag onder grote dank ontvangen van de heer en mevr. P. Stolk-Coops, Delft
Literatuur
- Scheen, Lexicon Nederlandse Beeldende kunstenaars 1750-1950.
- Houtzager, Dr. M. Elisabeth, Nederlandse Ceramiek 1945-1970, Centraal Museum.
- Singelenberg-Van der Meer, M., Nederlandse keramiek- en glasmerken 1880-1940, 2001
- RKD Den Haag - Archief Dick van Luijn